Waarom zingeving en strategie alles met elkaar te maken hebben

Strategie is niet meer dan wishful thinking als je niet begint bij een frontale confrontatie met je grootste obstakel. Conflictmijdend gedrag zorgt juist voor nonstrategie.

Waarom is het zeldzaam dat leiders toegeven dat iets helemaal misgaat? Hoe vaak zie je nog dat mensen een diep begrip hebben van de uitdagingen waar men voor staat én daar ook nog eens verantwoordelijkheid voor neemt? Hoe kan het dat er een tendens is om eerst het narratief te controleren, voordat men bewust wordt van de ware aard van de situatie? De crisis?

Je kunt niet verwachten dat je grootste obstakels verdwijnen door te doen alsof ze er niet zijn. Dat de toekomst van je bedrijf radicaal verandert door je blind te staren op positieve projecties op een slide. Existentiële bedreigingen verdwijnen net zo makkelijk als onbetaalde rekeningen.

En daar wil ik het vandaag met je over hebben.

Als het goed is heb je bestaansrecht

Iedere onderneming, iedere organisatie bestaat met een reden. Die is meestal niet heel hoogdravend (hoe graag je dat ook wil). Een schildersbedrijf heeft bestaansrecht, omdat mensen hun huis geschilderd willen hebben. Vraag, aanbod. 1 + 1 = 2.

Dat bestaansrecht reikt maar zo ver. Van genoeg clubs of hele industrieën kun je je afvragen of er echt sprake is van bestaansrecht. Als je mooie verhalen moet gaan verzinnen om te rechtvaardigen dat je organisatie er is, heb je waarschijnlijk een probleem. Maar zit je in zo’n club en is jouw persoonlijke bestaansrecht ervan afhankelijk, dan hebben we nog steeds met dezelfde dynamiek te maken:

Existentiële bedreigingen.

Als je geen reden hebt om te bestaan, kun je net zo goed stoppen.

Maar hoe bewust ben je van die reden? En ben je bereid om ergens de stekker uit te trekken als er geen reden meer is? Hoe lang houd je iets in de lucht omdat je vooral niet wil toegeven dat het niets meer toevoegt?

Ik vind “zingeving“ een niet zo geweldig woord. Toch ken ik in het Nederlands geen betere alternatieven (jij wel? Hit me up!). Zin. Zijn. Bestaan. Je ziet de link denk ik wel.

In elke situatie hoop ik iets van dat zijn te zien. De illusie dat ik de essentie kan vatten of tot de kern kan doordringen heb ik wel iets meer losgelaten. Want hoe weet je of dat zo is? Maar iets van de essentie aanraken of voelen, daar kun je moeilijk omheen. Het is misschien ongrijpbaar, niet onaantastbaar.

Genoeg mooie woorden. Waar wil ik heen?

Strategie en zingeving zijn voor mij onlosmakelijk met elkaar verbonden

Is je existentie niet in gevaar, dan is er waarschijnlijk geen echte behoefte aan strategie. Dan gaat het meer om mooie plannen.

Maar bijna altijd is er iets van bestaansrecht in gedrang. We noemen dat: het leven. En wanneer er serieuze problemen zijn — laat staan crises — of het tijd is om een grote stap voorwaarts te maken, dan is het naïef om plannen te maken in een vacuüm. Daar hebben mensen een feilloos instinct voor. Vanaf nu noemen we dat de bullshitradar. Kijk maar wat er gebeurt als iedereen ziet of voelt dat er iets aan de hand is en jij aankomt met een verhaal dat niets met de werkelijkheid te maken heeft.

Je zit misschien in een cultuur waarin je voor pessimist wordt uitgemaakt wanneer je benoemt wat er echt aan de hand is. Dat is begrijpelijk als mensen bang zijn dat een eerlijke inschatting van een negatieve situatie de kans groter maakt dat die uitkomt. Helaas is de kans juist groot dat onderliggende problemen alleen maar lastiger worden om op te lossen als je aan de oppervlakte blijft en het bij symptoombestrijding laat.

De vraag die in dit geval tot een hoop verheldering kan leiden is een van mijn favoriete vragen:

Geloof je het zelf?

Het is de vraag die ik mezelf ook dagelijks moet stellen. Ook ik probeer af en toe mijn eigen bullshitradar te omzeilen. De manier waarop je antwoordt onthult of iemand bewustzijn heeft ontwikkeld of in de ontkenningsfase zit.

Dit zijn een paar red flags:

  • als de weg ergens naartoe wordt weergegeven als een rechte lijn

  • als obstakels worden gebagatelliseerd

  • als iemand in de verdediging schiet

  • als er geen alternatieven worden besproken

  • als je meer onder de indruk bent van het visuele geweld van een presentatie, dan dat je de belangrijkste punten in een zin kunt navertellen

Mijn aanbeveling is om bij iedere presentatie die ergens over zou moeten gaan, iemand in het publiek de rol heeft om ‘geloof je het zelf?’ te roepen. Leiderschap is meer dan een mooi toekomstplaatje voorschotelen of vertellen dat alles wel goed komt. Zelfs als iemand daar diep van overtuigd is.

Waar gaan we naartoe?

Leiderschap, zoals ik het in elk geval begin te zien, gaat over verantwoordelijkheid nemen bij existentiële dreigingen. Mensen bij elkaar brengen met een helder verhaal over de aard van je grootste obstakel. Het gaat om meer dan alleen het hebben van een gezamenlijke vijand. Het gaat erom dat je met elkaar beseft dat je ergens naartoe op weg bent. Een obstakel staat je in de weg om daar te komen.

Hoe dan ook is er een reis te maken. En waar een reis is, is een verhaal. Als je ergens nog niet eerder bent geweest, moet je ook niet doen alsof. Meestal kun je er niet naartoe Googlen. Dus doe niet alsof je precies weet hoe je er moet komen. Het is van levensbelag, want als je het idee hebt dat er geen doel is, blijf je hangen in de overleefstand.

Mensen hebben meer nodig dan een slogan en wat generieke kernwaarden waar je het niet mee oneens kunt zijn.

Geloofwaardigheid valt of staat bij bewustzijn en je bereidheid om dingen niet mooier te maken dan ze zijn, maar helder genoeg om je het besef te geven dat er een weg vooruit is.

Ruben Beijl

Ruben is bedrijfstheoloog en mede-oprichter van Vadem

https://linkedin.com/in/rubenbeijl
Vorige
Vorige

Maak het zo makkelijk mogelijk om nee te zeggen

Volgende
Volgende

Durf je je publiek te vertrouwen?